Voetbalseizoen 2016-2017: Cijfergegevens betreffende de veiligheid bij voetbalwedstrijden

Brussel 28.07.2017. Nu het kampioenschap hervat wordt, maakt de Voetbalcel van de Algemene Directie Veiligheid en Preventie van de FOD Binnenlandse Zaken, de cijfers van het afgelopen voetbalseizoen met betrekking tot de veiligheid bij wedstrijden in D1A en D1B bekend. 

1. Context

De vergelijking in cijfers van dit seizoen 2016-2017 met die van het vorige seizoen zal moeilijk realiseerbaar zijn gelet op de diepgaande wijziging van de kampioenschappen.

De 1ste en 2de klasse van het seizoen 2015-2016 bestonden immers respectievelijk uit 16 en 17 ploegen, terwijl de Pro League 1A en 1B van dit afgelopen seizoen bestond uit respectievelijk 16 en 8 ploegen.

Deze wijziging heeft ook een impact gehad op het aantal wedstrijden dat werd gespeeld in de reguliere competitie en tijdens de play-offs.

Tot slot maakt het verloop van de play-offs tussen de ploegen van 1A en 1B de vaststelling van cijfers per klasse nog moeilijker.

2. Politie-inzet

De totale politie-inzet voor dit seizoen is relatief stabiel gebleven in vergelijking met het seizoen 2015-2016 met iets minder dan 29.000 ingezette politieagenten tegen bij benadering 28.000 tijdens het vorige seizoen.

Er moeten evenwel verschillende elementen in aanmerking worden genomen. In de eerste plaats werden er, gelet op de handhaving van dreigingsniveau 3, bijkomende maatregelen genomen door de politiediensten en door de organisatoren (grotere mobilisering van stewards om een striktere toegangscontrole uit te voeren - verbod om het stadion te betreden met een zak). Er werd ook een groter aantal politieagenten ingezet om  met name voor een meer zichtbare en ontradende politieaanwezigheid te zorgen en om de organisator te ondersteunen tijdens de toegangscontroles. In de tweede plaats, hoewel het aantal wedstrijden gespeeld in D1B lager was dan het aantal van het vorige seizoen (8 ploegen in plaats van 17), hebben de play-offs tussen de ploegen van 1A en 1B het aantal risicowedstrijden en bijgevolg het aantal ingezette politieagenten doen toenemen.

3. Incidenten

Tijdens het voorbije seizoen werden er tijdens 67,9% van de wedstrijden in D1A incidenten geregistreerd.  In D1B gaat het om 46,9% van de wedstrijden.  In de overgrote meerderheid van de gevallen gaat het om kleine, geïsoleerde incidenten in het stadion, zoals het beklimmen van omheiningen, het gooien van voorwerpen, verbaal geweld of het gebruik van pyrotechnische voorwerpen.

Wat de incidenten die tijdens de wedstrijden in D1A geregistreerd werden betreft, stellen wij een lichte toename van het aantal gewelddadige incidenten vast (van 87 geregistreerde feiten tijdens het seizoen 2015-2016 naar 111 tijdens het afgelopen seizoen). In de meeste gevallen gaat het om individueel en geïsoleerd geweld in het stadion. Wij tellen 23 incidenten in groep, waarbij meer dan 10 personen tijdens 15 wedstrijden betrokken zijn. Het aantal confrontaties tussen twee groepen risicosupporters is eerder beperkt gebleven en men kan niet spreken van een opleving van het hooliganisme naar aanleiding van de kampioenschapswedstrijden van D1. Elk incident is er evenwel nog steeds één teveel.

Het fenomeen van georganiseerde confrontaties buiten een wedstrijd blijft bestaan en lijkt in omvang toe te nemen. Er is echter geen enkel cijfergegeven beschikbaar. Deze incidenten vallen bovendien niet in het toepassingsgebied van de voetbalwet omdat zij meer dan 24u voor of na de wedstrijd plaatsvinden.

Nog dit seizoen betreuren wij een aanzienlijk aantal incidenten met pyrotechnische voorwerpen voor de wedstrijden van D1A en D1B (van 286 feiten voor 571 wedstrijden tijdens het seizoen 2015-2016 naar 225 feiten voor 458 wedstrijden tijdens het seizoen 2016-2017).

Rekening houdend met de gevaren dat het gebruik van pyrotechnische voorwerpen inhoudt voor de veiligheid van personen, met soms onomkeerbare lichamelijke schade als gevolg, blijft de strijd tegen dit fenomeen cruciaal voor het komende seizoen.

4. De sancties

Tijdens het seizoen 2016-2017 werden 1115 stadionverboden opgelegd en werd in totaal voor niet minder dan 535.400 € aan geldboetes opgelegd aan de onruststokers, terwijl ongeveer 300 procedures nog lopende zijn. Er zijn momenteel 870 stadionverboden lopende, die grotendeels opgelegd zijn door de Voetbalcel van de FOD Binnenlandse Zaken op basis van de voetbalwet, hetgeen het essentieel karakter van deze wet onderstreept.

De voetbalwet voorziet in snelle (binnen de 6 maanden na de feiten) en strenge (geldboetes van 250 tot 5000 euro en/of een stadionverbod van 3 maanden tot 5 jaar) sancties, om de veiligheid tijdens voetbalwedstrijden te garanderen.  De zwaarste sanctie die tijdens het seizoen 2016-2017 werd opgelegd omvatte een stadionverbod van 50 maanden en 2000 euro geldboete.

Hoewel het aantal overgezonden PV's voor het seizoen 2016-2017 is verminderd (van 1430 in het seizoen 2015-2016 naar 1070), zijn de uitgesproken stadionverboden quasi identiek gebleven (van 10.856 maanden in het seizoen 2015-2016 naar 10.945 maanden). De geldboetes zijn verminderd van 573.825 € (seizoen 2015-2016) naar 535.400€.

Dit wordt verklaard door strenge sancties voor de geweldfeiten, evenals voor het gebruik van pyrotechnische voorwerpen.

Dit beleid van onmiddellijke sancties dat ongepast gedrag in en rond de voetbalstadions ontmoedigt, werpt reeds een tiental jaar duidelijk vruchten af.

 

Publicatie datum: 
vri, 28/07/2017