Programma

13u30 : Opening
 
door Anne de Baetzelier, moderator 
13u40 : Openingstoespraak 

door de heer Vincent Van Quickenborne, Vice-eersteminister en Minister van Justitie en Noordzee 

door Mevrouw Annelies Verlinden, Minister van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing 

14u05 :  Is een rellentheorie mogelijk? 
 
 door Michel Kokoreff, Professor Sociologie, Paris 8 
14u25 : Hoe de gemeente Breda is omgegaan met onrust en rellen
 
 door Paul Depla, Burgemeester van Breda 

14u45 : De preventie van confrontaties tussen rivaliserende bendes en tussen bendes en politie

door Cyril Alavoine, Adjunct-prefect, Kabinetsdirecteur van de prefect van het departement Essonne- Ministerie van Binnenlandse Zaken 

15u05 : Aanpak door politie in Nederland

door Martin van den Hengel, Commissaris, plaatsvervangend districtschef in district Oost in de Eenheid Rotterdam en Compagniescommandant van de Mobiele Eenheid 

15u25 : Pauze

 
15u35 : Aanpak door politie in Frankrijk 
 
door Alexis Marsan, Adjunct-directeur - Directie openbare orde en verkeer - Prefectuur van politie Parijs

15u55 : De inzet van (super)snelrecht 

door Michiel de Ridder, Senior strafrechter - Rechtbank Amsterdam Directeur Strafrechtketen- Ministerie van Justitie en Veiligheid

16u15 : De gerechtelijke aanpak van stedelijk geweld  

door Pascale Girardon, Substituut-procureur - Gerechtshof Lille 

16u35 :  Q&A

 

17u00 : Slotwoord

door Anne De Baetzelier, moderator
1
Programma

Inleiding

Op maandag 29 november 2021 organiseerde de AD Veiligheid & Preventie van de FOD Binnenlandse Zaken, in samenwerking met de FOD Justitie, een tweede online conferentie over stadsrellen.

In tegenstelling tot de eerste webinar van 5 juli 2021, die gewijd was aan de benaderingen die in de Belgische context ontwikkeld werden op socio-preventief, bestuurlijk, repressief en gerechtelijk niveau, was de doelstelling van deze tweede webinar om de balans op te maken over wat er geïmplementeerd werd bij onze Franse en Nederlandse buren voor een betere aanpak van de stadsrellen.

De verschillende sprekers legden elk in hun uiteenzetting de verschillende facetten uit van het fenomeen van de stadsrellen. Zo deelde elke spreker de denkoefening die binnen zijn/haar land wordt gemaakt, alsook de oplossingen die tot op heden gevonden zijn.

De webinar werd geopend met de toespraak van de Belgische Minister van Justitie, Vincent Van Quickenborne. De minister herinnerde ten eerste aan de algemene context van de ontmoeting en aan de doelstelling die met deze webinar wordt nagestreefd. Hij wees er met name met nadruk op dat er tijdens de verschillende gewelddadige manifestaties van de laatste weken de gelegenheid is geweest om de aanbevelingen die uit de eerste webinar van juli voortgekomen zijn, toe te passen. Hij ging ook nader in op de kans om het woord te geven aan onze Franse en Nederlandse buren, die recent ook te maken kregen met stadsrellen. Vincent Van Quickenborne vermeldde het feit dat een "snelle berechting" in het kader van de stadsrellen geen betoog behoeft, omdat elke zaak uniek is. Hij verduidelijkte echter dat de vertegenwoordigers van justitie proberen om zo snel mogelijk recht te spreken, met name door zich te beroepen op de snelrechtprocedure, ook wel het lik-op-stukbeleid genoemd. Hoewel de procedure snel verloopt, moeten de wet en de rechten van de verdediging echter wel steeds worden gerespecteerd.

Zijn toespraak werd gevolgd door die van de Belgische Minister van Binnenlandse Zaken, Annelies Verlinden, die eerst herinnerde aan de verschillende initiatieven die tijdens de eerste webinar werden voorgesteld. Zij sprak in het bijzonder over de ervaring die de eerstelijnsactoren deelden, alsook over de reflectiegroep "New Ways of Protesting" die de minister in het begin van het jaar heeft opgericht. De minister kaartte het feit aan dat de huidige gezondheidscrisis en de frustraties die de beperkingen met betrekking tot de gezondheidscontext met zich meebrengen, de broeihaard zouden kunnen zijn voor de verschillende gewelddadige manifestaties waarmee wij in zowel België, Frankrijk als Nederland te maken kregen. De minister benadrukte de dialoog die in stand moet worden gehouden tussen de verschillende lagen van de maatschappij om die episodes van geweld te voorkomen. De ministers Verlinden en Van Quickenborne denken eraan een "think tank" op te richten die gewijd zal worden aan het vinden van mogelijke oplossingen om rellen en stedelijk geweld te vermijden. Mevrouw de minister herinnerde ook aan het belang van internationale samenwerking en informatie-uitwisseling om het fenomeen van de stadsrellen efficiënt te bestrijden.

1
Inleiding

Toespraak van professor Michel Kokoreff

De eerste spreker, Michel Kokoreff, Professor Sociologie van de Université Paris 8, probeerde de volgende vraag te beantwoorden: "Is een rellentheorie mogelijk?". Hij beschreef de geschiedenis van de Franse rellen en probeerde er over verschillende tijdperken heen de gemeenschappelijke punten en betekenissen uit af te leiden. Hij begon met een definitie van "émeute", afkomstig van het oude Franse "émouvoir", wat gewelddadige volksopstand zonder organisatie, zonder rode draad, zonder woordvoerder betekent.

Rellen in de moderne betekenis van het woord kunnen worden gedateerd in de VS in de jaren 1960. De helft van de rellen in de VS vond zijn oorsprong in de politiemisbruiken en dat is ook het hoogtepunt van de spanningen die aan de laatste maanden voorafgingen. Deze statistiek kan ook aan Europa worden toegeschreven.

Eén van de karakteristieken van de rel is de lokale dimensie ervan. De rel als een vorm van politieke en gezamenlijke actie: het gaat altijd om een protest dat verder gaat dan de conventionele vormen van publieke acties.

Hij benadrukte twee dimensies van rellen: ten eerste, een expressieve/emotionele dimensie, een gezamenlijke actie met gewelddadige incidenten die de dood van jongeren met zich meebrengen en een emotionele dimensie, omdat er sprake is van een verzet tegen een vorm van onrechtvaardigheid en een oproep tot kalmte waarbij wordt opgeroepen om het geweld te stoppen en een debat te voeren over de oorzaken ervan, waar het een symptoom van is.

Deze debatten kunnen aanleiding geven tot politieke beloftes. Een opvallende vaststelling is dat iedereen dat ziet als een bevestiging van wat ze al wisten, zonder dat het echt opnieuw ter discussie wordt gesteld.

Een rel volgt evenwel zijn eigen logica, het is een middel om van zich te laten horen tegen het gevestigd maatschappelijk systeem dat als immoreel wordt beschouwd. Het is derhalve noodzakelijk het overheidsbeleid te versterken om te vermijden dat er beloftes worden gemaakt om de rellen te bedaren, die niet zullen worden vervuld en daardoor frustraties met zich meebrengen. Die niet-vervulde beloftes komen met name tot uiting in het kader van de scholen, die bijgevolg vaak het doelwit zijn van de opruiende razernij. Rellen zijn een uiting van het feit dat men er genoeg van heeft. Er bestaat zoiets als een morele spaarzaamheid bij rellen, als je daar geen rekening mee houdt, begrijp je het fenomeen rellen niet.

De tweede dimensie die Michel Kokoreff uiteenzet, zijn rellen als een instrument voor actie: rellen zorgen ervoor dat de situatie wordt opgehelderd, dat er bepaalde voorstellen op de agenda komen. De reactie van de overheden ten aanzien van rellen verschilt naargelang het land. Ongeacht of het om een eis tot erkenning, burgerschap, rechtvaardigheid of gelijkheid gaat, rellen worden uiteindelijk altijd onderdrukt door de ordediensten en de daders ervan worden gecriminaliseerd. 

Bij wijze van conclusie vermeldt Michel Kokoreff vier elementen om te onthouden om te begrijpen waar rellen vandaan komen: 1. het gebrek aan legitimiteit van de openbare instellingen gekoppeld aan een sterke afhankelijkheid van bepaalde bevolkingsgroepen waardoor zij geen stem meer hebben, 2. een politieke leegte, 3. een lage levensstandaard, 4. de verdeling van de bevolking door racisme en discriminatie.

1
Toespraak van professor Michel Kokoreff

Toespraak van Cyril Alavoine

Cyril Alavoine, Adjunct-prefect, Kabinetsdirecteur van de prefect van het departement Essonne - Ministerie van Binnenlandse Zaken, kwam spreken over de preventie van vechtpartijen tussen rivaliserende bendes in het departement Essonne. Het departement, waarvan het grondgebied gekenmerkt wordt door ongelijkheden die groter neigen te worden, wordt regelmatig met rellen geconfronteerd. Men stelt er een verarming van de gemeentes vast, ondanks de toename van de bevolking, en een stijgende werkloosheid. De bevolking is er vaak nieuw, zonder voldoende houvast, waardoor er sprake is van een bijzondere relatie met de wijk, van een sterke wijkidentiteit.

De vechtpartijen hebben niets te maken met drugshandel, maar zijn eerder gelinkt aan conflicten in verband met het territorium. Op sociale media van rapgroepen wordt regelmatig opgeroepen om samen te komen. Het gaat vaak om jongeren die blanke wapens of geïmproviseerde wapens bij zich hebben. De gerechtelijke afhandeling van deze vechtpartijen is ingewikkeld, omdat er weinig aanklachten zijn en het moeilijk is om een specifiek persoon uit een menigte te veroordelen. 

De operationele oplossing die binnen het departement werd ontwikkeld, berust op partnerschap en alarmeringsgroepen.

De alarmeringsgroepen: een partnernetwerk dat deel uitmaakt van een besloten groep op een sociaal netwerk, "alarmeringsgroep" genaamd. Elke partner kan informatie die hij/zij waargenomen heeft, verspreiden. Die informatie kan al dan niet bevestigd worden door een andere partner, maar dient in bepaalde gevallen om vechtpartijen te vermijden of revanches ter verhinderen, of zelfs confrontaties te verijdelen. Dat werkt zeer goed en maakt het mogelijk om de professionals op het terrein waakzaam te houden. Deze tool werd van één of twee wijken uitgebreid naar het ganse departement.

Een andere interessante oplossing die werd ontwikkeld, zijn de lokale commissies voor individuele opvolging, waarin interdisciplinair overleg rond jongeren wordt gepleegd. Deze voorziening strekt ertoe de educatieve maatregelen voor jongeren te coördineren.

Op langere termijn streeft het departement ook naar preventieve oplossingen door de territoriale logica die aan de oorsprong ligt van de conflicten tussen wijken, te doorbreken. Daartoe werken de intervenanten van het departement met jongeren van 9 tot 13 jaar oud, die ze tijdens preventieacties onderling mengen. Er wordt een subsidie toegekend aan verenigingen die activiteiten aanbieden waarbij jongeren afkomstig uit die wijken, onderling worden gemengd en dat heeft als resultaat dat er minder confrontaties zijn tussen de wijken waar die jongeren vandaan komen. 

1
Toespraak van Cyril Alavoine

Toespraak van Paul Depla

Paul Depla, Burgemeester van Breda

De rellen waarmee deze stad werd geconfronteerd, houden zowel verband met het voetbal als met de COVID-pandemie.  De vragen waarop de burgemeester trachtte te antwoorden waren op welke manier de overheden geprobeerd hebben om deze rellen aan te pakken en in verbinding te blijven met de bevolking.

Paul Depla begint met het schetsen van de tijdlijn van de gezondheidssituatie: twee jaar geleden kregen de zorgverleners applaus van de bevolking. Vandaag is dat helemaal anders, de problemen met betrekking tot COVID stapelen zich op (avondklok, enz.), wat aanleiding geeft tot een explosie van woede en andere problemen, met name op het niveau van het netwerken. Hij is van mening dat het immers belangrijk is om een netwerk te creëren tussen verschillende actoren om op te kunnen treden in geval van problemen. Het zijn vaak personen die geen autoriteiten zijn, maar tussenpersonen, ondernemers, ouders van schoolgaande kinderen, enz. Vooraleer het netwerk kan optreden, is het ook belangrijk om te weten waarover het gaat. Wanneer men de signalen kan onderscheppen, kan men makkelijker optreden. 

De positie van burgemeester maakt het ook mogelijk om met veel mensen in contact te staan, de burgemeester speelt een verbindende rol tussen de bevolkingsgroepen. Hij moet ervoor zorgen dat hij in contact staat met de maatschappij en weet wat er zich afspeelt. Wanneer er een oproerdreiging is, moeten de politie, de partners, het openbaar ministerie en de burgemeesters samenkomen om te weten welke strategie ze moeten volgen en wat ze van de partners mogen verwachten. De aanpak van Nederland werd toegepast tijdens de coronapandemie, ze hebben geprobeerd wat mogelijk was, waarbij ze creatief te werk moesten gaan (bv. bubbels getekend in de parken). Hoe blijven doen waar men zin in heeft? Wij hebben geprobeerd om de activiteiten te respecteren, de nadruk te leggen op wat nog kon.

Paul Depla verdedigt het idee dat iedereen naast elkaar moet kunnen blijven leven, men niet mag polariseren, men gezag moet hebben en neutraal moet zijn. Je kunt altijd investeren in vredestijd, maar soms loopt het fout. Hij benadrukte de moeilijkheid om het delicate evenwicht te behouden tussen enerzijds het veroordelen van individueel gedrag, maar anderzijds geen groepen in hun geheel te viseren, met het risico te polariseren. Zoals men een beetje overal ziet, zijn er grote wrijvingen tussen de overheden en bepaalde individuen. Hoe kun je als oplossing daarvoor een geloofwaardig gezag opbouwen en vermijden dat dit probleem groter wordt?

Als lokale overheid is het cruciaal aan te geven wat mogelijk is en wat niet, maar het belangrijkste is om verbonden te blijven met de bevolking. Daarvoor is een netwerk nodig. In Nederland hebben ze de laatste jaren veel geïnvesteerd in zo'n netwerk en plukken ze daar nu de vruchten van. De personen op het terrein zijn vaak degenen die het mogelijk maken om in contact te blijven met de maatschappij. We kunnen niet alle rellen voorkomen, maar het kan helpen om contacten te hebben met bepaalde personen.

1
Toespraak van Paul Depla

Toespraak van Martin van Hengel

Martin van Hengel, commissaris, plaatsvervangend districtschef in district Oost in de Eenheid Rotterdam en Compagniescommandant van de Mobiele Eenheid, Aanpak door politie in Nederland

Martin van Hengel onderstreepte eveneens hoe belangrijk het is om op de hoogte te zijn van wat er zich afspeelt in de groepen die aan de basis van de rellen liggen, met name door online toezicht.

Het uitgangspunt van de huidige rellen zijn de manifestaties tegen de gezondheidsmaatregelen. In eerste instantie was er een slechte inschatting van de omvang van de manifestaties door de politie. De manifestatie was groter dan voorzien en sommigen waren speciaal aanwezig om de politie aan te pakken. De aanwezige politiemensen werden onder druk gezet en gebruikten hun vuurwapens, met 5 gewonden als gevolg. Voor deze rellen moet een hoge prijs betaald worden.

Het politiebeleid in Nederland heeft 4 basisprincipes: 

1) opleiding, wat reeds op voorhand begint; verbinding, geïnformeerd zijn; leven in het hart van de doelgroep om te weten welke wrok er heerst; op de hoogte zijn van wat er wordt beraamd, in de wijken leven.

2) Je moet de mensen helpen: de politie helpt de mensen om hun manifestaties in alle veiligheid te organiseren en gaat dus in dialoog met de organisatoren. Onze eerste rol is niet de handhaving van de orde, maar de bescherming van het recht om te betogen.

3) Differentiëring: we vertrekken van het principe dat de mensen van goede wil zijn, maar zodra we vaststellen dat een deel van de groep misbruik wil maken van de manifestatie om geweld te gebruiken, proberen we een onderscheid te maken tussen de vreedzame manifestanten en de geweldplegers.

4) Communicatie: begint ook vóór de manifestatie. Samen met de burgemeester leggen we de grenzen vast van wat toegelaten is en wat niet en weten de mensen dus wat er wel of niet mag.

Het is cruciaal alle (online) informatie te verzamelen teneinde een strategie te bepalen en het profiel van de betogers vast te leggen. Er moet genetwerkt worden om op voorhand op de hoogte te zijn van wat er beraamd wordt, je moet met andere woorden in verbinding staan met de mensen. In Rotterdam wordt geopteerd om met een beperkte groep politiemensen te werken om zich op de onruststokers te focussen.

Vandaag verloopt het mobiliseren snel en gebeurt dat soms via kanalen zoals Telegram, waarop de politie geen zicht heeft. De polarisatie is toegenomen, de politie wil met iedereen praten, maar sommigen willen niet met de politie praten. Het gebrek aan politiepersoneel is ook een factor waarmee rekening moet worden gehouden. Ten slotte moet de politie zichtbaar zijn, moet er online toezicht zijn, aanwezigheid in de probleemwijken, een band met de bevolking, flexibele politie-eenheden die sneller kunnen optreden.

 

 

 

1
Toespraak van Martin van Hengel

Toespraak van Alexis Marsan

Alexis Marsan, Adjunct-directeur - Directie openbare orde en verkeer - Prefectuur van politie Parijs, Aanpak door politie in Frankrijk

De oorsprong van de golf van het huidig stedelijk geweld bevindt zich bij de gele hesjes.

Nieuw fenomeen in Parijs: geweld dat zich tijdens 4 weekends steeds opnieuw voordeed (17 en 24 november en 1 en 8 december). Het gaat om een sociale beweging die op het terrein vorm heeft gekregen. Bovendien hebben de manifestanten uiteenlopende profielen.

In het begin bleven de politiediensten van de Parijse regio bij hun traditionele wijzen van ordehandhaving. Ze hebben echter snel hun koers bijgesteld en zich anders georganiseerd teneinde de relschoppers een halt toe te roepen. Volgens Alexis Marsan hoeft het politieoptreden het tempo van de media, waarbij alles onmiddellijk gebeurt, niet te volgen. De prefectuur van de politie van Parijs heeft haar ordehandhavingsdoctrine moeten veranderen om mee te gaan in de nieuwe wereld van de manifestanten.

Volgens hem worden de nieuwe vormen van protesteren gekenmerkt door een snelle, zeer sterke, heterogene mobilisatie met de bereidheid om de instituten aan te pakken, door intens gebruik van sociale media, zeer snelle mobilisatie van manifestanten, toestroom van mensen van buiten Parijs om de manifestanten te helpen. Derhalve moest de ordehandhavingsstrategie van Parijs evolueren naar een snelle inzet van de politie-eenheden, wat een andere organisatie en het gebruik van mobiele voorzieningen vereist.

1
Toespraak van Alexis Marsan

Toespraak van Michiel de Ridder

Michiel de Ridder, Senior strafrechter - Rechtbank Amsterdam - Directeur Strafrechtketen- Ministerie van Justitie en Veiligheid

Het snelrecht behoeft geen betoog, maar berechting kent verschillende snelheden. Er is een berechting nodig die beantwoordt aan de rechtspraak en die de rechten van de verdediging respecteert.

In het kader van sommige feiten blijkt het snelrecht noodzakelijk, zoals bij rellen. In die gevallen is het noodzakelijk dat de persoon zijn veroordeling snel verneemt, maar is het tegelijkertijd noodzakelijk om een billijke rechtspraak en de uitoefening van het recht van verdediging te respecteren.

De rellen van vandaag zijn van bijzondere aard. Er moet dus voldoende snel berecht worden.

Voor het supersnelrecht zijn er daarentegen geen andere reglementen. Het uitgangspunt is hetzelfde als voor de gewone rechtspraak. Het snelrecht en het supersnelrecht zijn nog geen gemene rechten. Meer dan de helft van de zaken gaat naar de gewone rechtspraak.

Er werd dus gekozen om een procedure te implementeren waarbij de duur van de voorlopige hechtenis kan worden afgetrokken van de straf.

1
Toespraak van Michiel de Ridder

Toespraak van Pascale Girardon

Pascale Girardon, Substituut-procureur - Gerechtshof Lille, kwam ons uitleggen wat er werd ingevoerd om de gevolgen van de manifestaties, van met name de gele hesjes, te beheren.

Het toepassingsgebied heeft betrekking op zowel het geweld gepleegd bij de manifestaties als het geweld gepleegd in de voorsteden (vechtpartijen) of tussen jongeren en de ordediensten. Het kan gaan om feiten die zich hebben voorgedaan in het kader van de beweging van de gele hesjes (eind 2018 - begin 2019).

Gezien het hoge aantal betrokken personen, het hoge aantal inbreuken en het aanzienlijke aantal staandehoudingen, is het hoofddoel al die informatie op gerechtelijk niveau te beheren.

Deze problematiek van de rellen brengt verschillende moeilijkheden met zich mee:

•       de moeilijkheid om de relschoppers te identificeren en staande te houden: bivakmutsen, zwarte kleding, kappen, enz. De beschadigingen worden aangebracht door een groot aantal deelnemers. Justitie beroept zich indien nodig op de videobewakingsopnames, foto's genomen door de politiediensten, drones.

•          staandehoudingen gebeuren vaak met haast en spoed: soms worden de procedureregels niet gerespecteerd en moet er dus toegezien worden op de kwaliteit van de verzameling van bewijsmateriaal.

Het is derhalve noodzakelijk om op voorhand te zorgen voor een goede coördinatie tussen de politiediensten en de magistratuur, zodat de rollen onderling verdeeld zijn en men er zeker van is dat de procedureregels nauwkeurig worden nageleefd, want dat maakt het gemakkelijker om de daders te vervolgen.

Het is ook noodzakelijk om gemeenschappelijke doelstellingen te bepalen, want het is nutteloos om duizenden bewijsstukken te verzamelen als die personen niet kunnen worden vervolgd. In dat opzicht werd bij de manifestaties van de gele hesjes de beslissing genomen dat parketmagistraten samen met de politiediensten ter plaatse zouden gaan om te controleren of wel degelijk bewijsmateriaal werd verzameld en dat de voorwaarden voor de staandehouding correct waren.

Op gerechtelijk niveau is het noodzakelijk om snel en efficiënt antwoorden te bieden, vandaar het belang van de procedures voor een snelle berechting:

  • Onmiddellijke verschijning: de daders kunnen na de inverzekeringstelling onmiddellijk worden vervolgd. De persoon zal rechtstreeks voor het gerecht worden gebracht en zal op diezelfde dag worden berecht indien de persoon akkoord gaat. Indien een termijn wordt gevraagd, zal de persoon binnen een termijn van twee tot vier maanden voor de rechtbank verschijnen. In dat geval is voorlopige hechtenis mogelijk indien er sprake is van vluchtgevaar of van een risico op vernietiging van bewijsmateriaal.
  • Rechterlijke controle: er kan worden gevraagd dat de persoon een betogingsverbod krijgt of een verbod om op bepaalde plaatsen te komen (bv.: plaatsen waar manifestaties gewoonlijk plaatsvinden, volledige sectoren van bepaalde gemeenten). 

Om deze snelle procedures te kunnen gebruiken, moeten de procedures van bij het begin van goede kwaliteit zijn. Er moet aandacht worden besteed aan de keuze van de juiste strafrechtelijke kwalificaties. (bv.: deelname aan samenscholingen, niet aanvaarden dat de manifestatie uiteengedreven wordt) 

De communicatie van de gerechtelijke overheden naar de media is ook belangrijk. De publieke opinie moet worden geïnformeerd over wat er gedaan werd (aantal staande gehouden personen, vervolgingen, veroordeelden).

 

 

1
Toespraak van Pascale Girardon