Bepaalde specifieke regels zijn slechts van toepassing op bepaalde plaatsen die een bijzonder risico voor de veiligheid inhouden. 

De camerawet bepaalt dat voor deze plaatsen vastgesteld bij koninklijk besluit, na overleg in de Ministerraad:

  • De verwerkingsverantwoordelijke kan beslissen om de bewakingscamera('s) te richten op de perimeter rechtstreeks rond de plaats;
  • De beelden maximum drie maanden kunnen worden bewaard in plaats van één;
  • De beelden in real time kunnen worden overgezonden aan de politiediensten, na afsluiting van een overeenkomst met de betrokken politiedienst en de verwerkingsverantwoordelijke.

Een koninklijk besluit werd op 6 december 2018 aangenomen. Het stelt, voor elke van deze drie regels, een lijst van de betrokkene plaatsen vast.

0

Risicoplaatsen waarvan de bewakingscamera's op de perimeter kunnen worden gericht

De besloten plaatsen waarvoor het toegelaten is om de bewakingscamera's te richten op de perimeter rechtstreeks rond de plaats zijn de volgende:

  1. de luchthavens die voor commercieel verkeer zijn opengesteld;
  2. de  treinstations;
  3. de nucleaire sites;
  4. de militaire domeinen;
  5. de gevangenissen in de zin van artikel 2, 15°, van de basiswet van 12 januari 2005 betreffende het gevangeniswezen en de rechtspositie van de gedetineerden, de gemeenschapscentra voor minderjarigen die een als misdrijf omschreven feit hebben gepleegd, en de forensisch psychiatrische centra, bedoeld in artikel 3, 4°, c), van de wet van 5 mei 2014 betreffende de internering;
  6. de internationale instellingen of ambassades bepaald door de Koning overeenkomstig artikel 137 van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid;
  7. de havenfaciliteiten bedoeld in artikel 5, 6° en 7°, van de wet van 5 februari 2007 betreffende de maritieme beveiliging;
  8. de SEVEZO-inrichtingen;
  9. de andere plaatsen bepaald door de Koning overeenkomstig artikel 138 van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid;
  10. de Nationale Bank van België;
  11. de geldtelcentra in de zin van artikel 2, 20°, van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid. 
  • Het betreft meestal plaatsen waar de bewakingsagenten, reeds door ernstige risico’s voor de veiligheid, de situationele bevoegdheden kunnen uitoefenen, naast hun generieke bevoegdheden.
  • Het gaat om plaatsen die, omwille van de aard van de activiteiten die er worden uitgeoefend, de aard van de bezetter ervan en de geografische ligging ervan, een aanzienlijk risico voor de veiligheid inhouden.

Procedure

Vooraleer zij hun bewakingscamera's kunnen richten op de perimeter van deze plaatsen, zullen de betrokken verwerkingsverantwoordelijken, wat de afbakening van de perimeter betreft, een positief advies van de gemeenteraad van de betrokken gemeente moeten krijgen. 

Alvorens zich uit te spreken, moet de gemeenteraad, net zoals voor de niet-besloten plaatsen, de korpschef raadplegen, die hem kan inlichten over de risico’s verbonden aan deze plaats binnen zijn politiezone.

  • Het is de taak van de verwerkingsverantwoordelijke om in zijn aanvraag tot advies zijn definitie van de perimeter te rechtvaardigen en aan de gemeenteraad om de motiveren waarom hij een positief of negatief advies geeft over de aanvraag. Men kan immers niet voor al deze plaatsen dezelfde regel toepassen om de oppervlakte van de perimeter te bepalen: dat hangt af van de configuratie van de plaatsen (Bevindt deze plaats zich in een residentiële zone of niet? Welke oppervlakte bezet deze plaats in de beoogde ruimte?,…) en van de aard van het risico voor de veiligheid.
1
Risicoplaatsen waarvan de bewakingscamera's op de perimeter kunnen worden gericht

Risicoplaatsen waarvan de beelden van de bewakingscamera's maximum 3 maanden kunnen worden bewaard

De plaatsen bepaald door de Koning waarvan de beelden van de bewakingscamera's maximum 3 maanden kunnen worden bewaard in plaats van één, zijn de volgende:

  1. de luchthavens die voor commercieel verkeer zijn opengesteld;
  2. de stations en de voertuigen van openbaar vervoer van de openbare vervoersmaatschappijen; 
  3. de nucleaire sites;
  4. de militaire domeinen;
  5. de gevangenissen in de zin van artikel 2, 15°, van de basiswet van 12 januari 2005 betreffende het gevangeniswezen en de rechtspositie van de gedetineerden, de gemeenschapscentra voor minderjarigen die een als misdrijf omschreven feit hebben gepleegd, en de forensisch psychiatrische centra, bedoeld in artikel 3, 4°, c), van de wet van 5 mei 2014 betreffende de internering;
  6. de internationale instellingen of ambassades bepaald door de Koning overeenkomstig artikel 137 van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid;
  7. de havenfaciliteiten bedoeld in artikel 5, 6° en 7°, van de wet van 5 februari 2007 betreffende de maritieme beveiliging;
  8. de SEVEZO-inrichtingen;
  9. de andere plaatsen bepaald door de Koning overeenkomstig artikel 138 van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid;
  10. de Nationale Bank van België;
  11. de geldtelcentra in de zin van artikel 2, 20°, van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid. 

Als de bewakingscamera's op deze plaatsen worden geplaatst, kan de verwerkingsverantwoordelijke de beelden gedurende een termijn van maximum drie maanden in plaats van één bewaren (behalve als de beelden kunnen bijdragen tot het bewijzen van een feit of tot het identificeren van daders, getuigen, slachtoffers, ... in deze gevallen worden de beelden bewaard zolang dit nodig is voor de verwerking van de feiten).

  • Het gaat niet over een verplichting om de beelden drie maanden te bewaren, maar over een mogelijkheid, voor de beoogde verantwoordelijken, om de maximale bewaringsduur van de beelden te verlengen.
1
Risicoplaatsen waarvan de beelden van de bewakingscamera's maximum 3 maanden kunnen worden bewaard

Risicoplaatsen waarvoor de toegang in real time tot de beelden kan worden gegeven aan de politiediensten (op basis van een overeenkomst)

De voor het publiek toegankelijke besloten plaatsen die een bijzonder risico voor de veiligheid inhouden en waarvan de beelden in real time kunnen worden overgezonden aan de politiediensten, zijn de volgende:

1. de luchthavens die voor commercieel verkeer zijn opengesteld;

2. de internationale instellingen of ambassades bepaald door de Koning overeenkomstig artikel 137 van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid;

3. de havenfaciliteiten bedoeld in artikel 5, 6° en 7°, van de wet van 5 februari 2007 betreffende de maritieme beveiliging.

4. de plaatsen waar evenementen van culturele, maatschappelijke, festieve, folkloristische, commerciële of sportieve aard worden georganiseerd, beschouwd als grote volkstoelopen in de zin van artikel 22 van de wet op het politieambt, onder de volgende voorwaarden:

  • a) deze toegang in real time wordt slechts ingesteld voor de duur van deze evenementen;
  • b) het instellen van deze toegang in real time gebeurt na een risicoanalyse uitgevoerd door de organisator van het evenement, waarbij moet worden aangetoond dat een toegang in real time van de politiediensten gerechtvaardigd is ondanks de genomen voorzorgs- en veiligheidsmaatregelen om het evenement te omkaderen;
  • c) het instellen van deze toegang in real time gebeurt in het kader van de opdrachten van bestuurlijke politie, na het uitvoeren, door de politiediensten, van een impact- en risicoanalyse op het niveau van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en op operationeel niveau, goedgekeurd door de politieambtenaar bedoeld in de artikelen 7 tot 7/3 van de wet op het politieambt, waarbij wordt aangetoond dat deze plaatsen een bijzonder risico inhouden op het vlak van de veiligheid.

Deze laatste categorie moet bijvoorbeeld de politiediensten in staat stellen om een festival te bewaken vanuit dezelfde commandopost als de private bewakingsdienst die is ingesteld door de organisator van het evenement. Dat beoogt eveneens de grote concerten of andere evenementen waar het zowel wegens de toeloop als andere criteria noodzakelijk is dat de politiediensten in real time toegang hebben tot de beelden van de bewakingscamera's die geplaatst zijn op de plaats, om hun opdrachten van bestuurlijke politie beter te kunnen uitoefenen.  De drie cumulatieve voorwaarden waarin voorzien is door het koninklijk besluit, moeten voorkomen dat deze categorie te ruim geïnterpreteerd wordt en aldus van de politiediensten verwacht wordt dat zij achter de schermen staan van de camera's van ieder evenement.

  • Deze toegang in real time wordt uitsluitend voor deze bij koninklijk besluit bepaalde plaatsen ingesteld, nadat er een overeenkomst is afgesloten met de verantwoordelijk voor de verwerking en de betrokken politiedienst.
  • Het is uiteraard niet de bedoeling
    • de verwerkingsverantwoordelijke te verplichten zijn beelden in real time door te sturen naar de politiediensten: dit zal gebeuren op basis van een akkoord, dat de modaliteiten van deze toegang zal bepalen;
    • van de politiediensten te verwachten dat zij permanent achter de schermen worden geplaatst om de beelden van deze plaatsen te bewaken à het bekijken in real time zal enkel gebeuren voor zover nodig voor hun politieopdrachten.
1
Risicoplaatsen waarvoor de toegang in real time tot de beelden kan worden gegeven aan de politiediensten (op basis van een overeenkomst)

Om er meer over te weten

1
Om er meer over te weten