Na het abrupte einde van de voetbalcompetitie vorig seizoen is de impact van de Covid-19-epidemie tot op vandaag ook voor de voetbalwereld niet te overzien. Pas sinds 1 juli worden er opnieuw wedstrijden gespeeld en dat achter gesloten deuren.

Supporters hebben deze grote beproeving al deze tijd met zin voor verantwoordelijkheid het hoofd geboden. Er dient echter nog altijd rekening mee te worden gehouden dat al dan niet grote aantallen supporters zich naar aanleiding van voetbalwedstrijden op het openbaar domein kunnen begeven om samen te vieren. Cohesie typeert de voetbalbeleving. Immers, niettegenstaande een aanhoudende gezondheidsdreiging en een reëel risico op een verdere verspreiding van het virus, zitten vele duizenden voetbalfans op hun honger om hun favoriete team opnieuw aan het werk te zien of om die wekelijkse uitlaatklep, met alle emoties die daarmee gepaard gaan, opnieuw en samen met vrienden te beleven. Ook in andere contexten zien we vandaag dat soms in (te) grote aantallen opnieuw wordt samengekomen, denken we bijvoorbeeld aan sommige illegale feesten en bijeenkomsten. Het risico op samenscholingen naar aanleiding van voetbalwedstrijden is dus ook niet denkbeeldig.

Zonder afbreuk te doen aan regionale en lokale bevoegdheden, beoogt deze omzendbrief om de lokale overheden te ondersteunen bij het opnemen van hun taken van openbare orde naar aanleiding van de specifieke en bijzondere context van voetbalwedstrijden.

1. Een veilige heropstart van het voetbalgebeuren

  • A. Protocollen Covid
  • B. De veiligheidsovereenkomst als draaiboek op maat in het stadion

2. Wedstrijden en voetbalevenementen in de stadions

  • A. Grote schermen in voetbalstadions
  • B. Inzet van stewards
  • C. Oproep aan supporters

3. Activiteiten en evenementen op het openbaar domein

  • A. Activiteiten rond de stadionpoorten
  • B. Activiteiten en evenementen elders op het grondgebied

4. Rol van de lokale overheid

5. Handhaving en sanctiemiddelen

  • A. Toepassing van de Voetbalwet. In het stadion, in de perimeter en op het             volledige grondgebied van het Koninkrijk
  • B. GAS-wetgeving
  • C. Gemeenschapswachten
  • D. Wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid
  • E. RIO & procedure burgerrechtelijke uitsluiting

6. Tot slot

*******************************************************************************************************************************************************************

 

1. Een veilige heropstart van het voetbalgebeuren

A. Protocollen COVID

Gelet op het in voege treden van fase 4 van de afbouw van de maatregelen tegen de verspreiding van Covid-19 was het vanaf 1 juli in principe mogelijk om sportwedstrijden met een beperkt publiek te organiseren, t.t.z. mits inachtname van een zekere capaciteitslimiet (200 indoor/400 outdoor) voor permanente infrastructuren met een zittend publiek, met inachtneming van de veiligheidsvoorschriften. Naar aanleiding van de veiligheidsraad van 27 juli werd het maximaal aantal toeschouwers bij sportactiviteiten, zowel indoor als outdoor, gehalveerd. De Pro League heeft echter zelf beslist om de start van het seizoen zonder publiek af te werken. Inmiddels heeft de Nationale Veiligheidsraad beslist dat een publiek van maximum 400 personen wedstrijden mag bijwonen en dat de bevoegde gemeentelijke overheid de uitbaters van permanente infrastructuren kan toelaten om een zittend publiek van meer dan 400 personen te ontvangen voor wedstrijden, in akkoord met de bevoegde minister(s), na raadpleging van een viroloog en met inachtneming van het geldende protocol. De aanvraag dient te worden gericht tot de bevoegde burgemeester.

Voor wat betreft het bestaan van een protocol kan verwezen worden naar de toepasselijke bepalingen uit het ministerieel besluit van 30 juni 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken, zoals gewijzigd door de diverse besluiten. Voor voetbalwedstrijden werden inmiddels twee protocollen opgesteld: enerzijds voor  wedstrijden achter gesloten deuren en anderzijds voor wedstrijden met een beperkt publiek.

Deze protocollen, uitgewerkt door de Pro League en ter validatie voorgelegd aan de regionale ministers bevoegd voor sport, hebben als doel om een reeks generieke richtlijnen ter bestrijding van de verspreiding van het coronavirus COVID-19 vast te leggen die de organisatoren van voetbalwedstrijden in het stadion dienen te implementeren. De protocollen in kwestie werden inmiddels aan de voetbalclubs uit de afdelingen 1A en 1B overgemaakt.

B. De veiligheidsovereenkomst als draaiboek op maat in het stadion

Het dient benadrukt dat de richtlijnen, vervat in de vermelde protocollen, hoofdzakelijk betrekking hebben op de permanente sportinfrastructuur, zijnde het voetbalstadion.

Het betreft richtlijnen die elke organisator van voetbalwedstrijden moet toepassen om de veiligheid en de gezondheid van de aanwezigen in het stadion te garanderen. In die gevallen waar een veiligheidsovereenkomst verplicht is, dient de concrete uitwerking van deze generieke richtlijnen op maat van het betrokken voetbalstadion  het voorwerp uit te maken van een addendum bij de jaarlijkse veiligheidsovereenkomst, waarvan sprake in artikel 5 van de Voetbalwet. Het is aangewezen dat elke voetbalclub een Corona-werkgroep opricht die de implementatie van de richtlijnen in het eigen stadion concreet uitwerkt en systematisch verder opvolgt.

Alle ploegen actief in de eerste drie nationale afdelingen, dus 1A, 1B en 1e nationale alsook alle organisatoren van voetbalwedstrijden waaraan een ploeg uit de eerste drie nationale afdelingen deelneemt, worden ertoe gehouden om op basis van de voetbalwet, met de lokale overheid, een veiligheidsovereenkomst af te sluiten.

De verplichting van de veiligheidsovereenkomst is niet van toepassing op kampioenschapswedstrijden voor het jeugd- en vrouwenvoetbal of voor afdelingen lager dan de 1e amateur van het mannenvoetbal. Desondanks is het ten zeerste aan te raden dat ook deze voetbalclubs een dergelijke overeenkomst opstellen of minstens de achterliggende oefening met alle betrokken lokale veiligheidsactoren in de praktijk brengen.

De aanwezigheid van een voetbalstadion op het grondgebied van de gemeente/politiezone brengt specifieke uitdagingen op het vlak van veiligheid en openbare orde met zich mee en derhalve is het belangrijk dat het lokaal voetbalveiligheidsbeleid zijn vertaling vindt in de veiligheidsovereenkomst met de betrokken club. De veiligheidsovereenkomst strekt ertoe om de verplichtingen en de verantwoordelijkheden van de betrokken partijen in het kader van het veiligheidsbeleid (onder meer bepaald in de artikelen 10 en 10bis van de Voetbalwet en artikel 2 van het koninklijk besluit van 6 juli 2013 houdende de in voetbalstadions na te leven veiligheidsnormen) vast te leggen. Deze verplichtingen situeren zich grotendeels in het stadion maar kunnen ook betrekking hebben op de perimeter (omgeving) rond het voetbalstadion (bv. inzet van stewards – zie hiervoor punt 2.2 van de omzendbrief of de maatregelen te nemen op basis van de risico-analyse waarvan sprake in titel 4 van de omzendbrief).

Gelet op de huidige Coronacrisis dient de invulling van deze algemeen geldende veiligheidsverplichtingen uiteraard ook integraal tegen het licht te worden gehouden van alle specifieke verplichtingen en aanbevelingen ter voorkoming van een verdere verspreiding van het COVID-19 virus (zoals bepaald in de protocollen waarvan sprake in punt 1.1). In dit kader kan verondersteld worden dat sommige maatregelen, zowel binnen als buiten het stadion, in de loop van het voetbalseizoen bijsturingen kunnen behoeven in het licht van de evoluerende omstandigheden of naar aanleiding van bepaalde evaluaties.

Iedere bijsturing van de voorziene veiligheidsverplichtingen dient op korte termijn het voorwerp uit te maken van een addendum aan de veiligheidsovereenkomst, die evenals de eigenlijke veiligheidsovereenkomst, zo snel mogelijk aan de Voetbalcel wordt overgemaakt.

Gelieve om praktische redenen  de veiligheidsovereenkomst en de gebeurlijke addenda rechtstreeks over te maken aan de bevoegde dienst zijnde de Voetbalcel van Binnenlandse Zaken, bij voorkeur digitaal op volgend e-mailadres: [email protected]

2. Wedstrijden en voetbalevenementen in de stadions

Op het ogenblik van het verspreiden van deze omzendbrief worden de voetbalwedstrijden nog achter gesloten deuren gespeeld. Zodra in voetbalstadions wedstrijden met een beperkt publiek doorgaan, kunnen er mogelijk ook verzoeken volgen om uitzendingen op groot scherm te laten doorgaan in de stadions. 

A. Grote schermen in voetbalstadions

Zolang voetbalwedstrijden plaatsvinden achter gesloten deuren, zullen er ook geen andere voetbalevenementen kunnen doorgaan in de stadions. Echter van zodra er opnieuw publiek wordt toegelaten kan dat, in principe althans, wel. Wanneer opnieuw beperkte publieksaantallen tot het stadion worden toegelaten, kan vanuit veiligheidsoogpunt ervoor worden geopteerd om nog niet onmiddellijk supporters van de bezoekende club toe te laten bij wedstrijden. Desgevallend is het niet uit te sluiten dat de bezoekende club een welbepaald, beperkt, aantal supporters in het eigen stadion zou wensen te ontvangen om daar de wedstrijd te volgen. Op een groot scherm dus.

In de zin van de voetbalwet is er sprake van een voetbalevenement, wanneer het evenement wordt georganiseerd door een organisator zoals bedoeld in deze wet, zijnde de natuurlijke persoon of rechtspersoon die een nationale voetbalwedstrijd of een internationale voetbalwedstrijd of iedere andere voetbalwedstrijd geheel of ten dele organiseert of laat organiseren, op eigen initiatief of op initiatief van een derde. Er is dus steeds een duidelijke link met de voetbalwet en de voetbalclubs of – bonden. Een voetbalclub kan de organisatie van het voetbalevenement  wel in zekere zin uitbesteden aan een derde, doch dit neemt dan niet weg dat die club de hoedanigheid van organisator van het evenement behoudt en in die zin ook alle hiermee gepaard gaande verantwoordelijkheden blijft dragen, zoals bijvoorbeeld de verplichting om een opgeleide veiligheidsverantwoordelijke te mandateren die de leiding heeft over de stewards.

B. Inzet van stewards

Wanneer er stewards worden ingezet voor een voetbalevenement, dienen de organisatoren en de bevoegde burgemees­ter, na advies te hebben ingewonnen bij de betrokken politiezones, voorafgaandelijk een schriftelijke overeenkomst te sluiten betreffende de inzet, de bevoegdheden en de taken van de gemandateerde veiligheidsverantwoordelijke en van de stewards. In het geval van een voetbalevenement georganiseerd in een stadion, kunnen de stewards op dezelfde manier als bij een nationale of internationale voetbalwedstrijd in het stadion  worden ingezet. Dit betekent dat de artikelen 13 tot 17 van de voetbalwet van toepassing zijn, net zoals dat het geval is voor de gewone wedstrijden in de nationale competitie. De taken van de stewards kunnen dan zijn:

  • de mogelijkheid om de toeschouwers van hetzelfde geslacht aan een oppervlakkige controle van kledij en bagage te onderwerpen;
  • het onthaal en de begeleiding van de toeschouwers naar hun plaatsen;
  • de mededeling naar het publiek toe van nuttige informatie betreffende de organisatie;
  • de mededeling aan de hulp- en politiediensten van elke informatie betreffende de toeschouwers die de openbare orde kunnen verstoren;
  • de controle op de naleving van het reglement van inwendige orde;
  • het nemen van nuttige maatregelen in afwachting van de hulp- en veiligheidsdiensten;
  • inspectie van de installaties vóór en na de wedstrijd;
  • bediening evacuatiepoorten;
  • verzekeren van een vlotte doorgang naar uitgangen en er voor zorgen dat toegangs- en evacuatiewegen vrijgehouden worden;
  • richtlijnen geven in het kader van de veiligheidshandhaving.

C. Oproep aan supporters

Zowel bij wedstrijden zonder publiek als bij wedstrijden of evenementen met een beperkt publiek, is preventie het sleutelwoord. Beter voorkomen dan genezen!

Bij wedstrijden of voetbalevenementen in het stadion, met een beperkt publiek, zal het aantal gegadigden het beschikbaar aantal toegangsbewijzen naar alle waarschijnlijkheid ruimschoots overtreffen. Voetbalclubs en supportersverenigingen dienen daarom te worden aangespoord om via alle middelen waarover zij beschikken er bij hun supporters op aan te dringen dat zij op wedstrijddagen niet naar het stadion afzakken wanneer men niet van tevoren over een geldig toegangsbewijs beschikt. Dit kan bijvoorbeeld via de website van de club, de sociale media, middels het postadressenbestand, informatieborden aan de buitenomheining van het stadion en de toegangszones. Ook de SLO’s dienen hierbij maximaal te worden ingeschakeld. Deze communicatie is natuurlijk ook belangrijk in het kader van wedstrijden achter gesloten deuren.

In dit kader kan als good practice worden verwezen naar de oproepen die verschillende clubs, burgemeesters en de supportersfederatie reeds richting de supporters hebben gelanceerd.

De lokale overheid kan dit als een uitdrukkelijk vereiste bepalen alvorens haar toestemming voor de wedstrijd te verlenen en ziet mee toe op een maximale naleving door de clubs. Dit is een aspect dat ook uitdrukkelijk in de veiligheidsovereenkomst kan worden opgenomen. De club maakt haar supporters er tevens attent op dat in geval van een niet naleven van deze richtlijn er door de politiediensten kan worden overgegaan tot het opstellen van een proces-verbaal bijvoorbeeld in het kader van de voetbalwet, hetgeen kan leiden tot een stadionverbod en een geldboete. Het gaat dan bijvoorbeeld om een steward of politiemensen die supporters in de omgeving van het stadion aanmanen om te vertrekken, maar waaraan geen gevolg wordt gegeven.

3. Activiteiten en evenementen op het openbaar domein

Men dient er rekening mee te houden dat sommige supporters zonder een geldig toegangsbewijs zich mogelijk toch richting het stadion begeven, naar omliggende supporterscafés of andere verzamelplaatsen op het grondgebied van de gemeente, in een poging om toch een deel van de wedstrijdbeleving die men voorheen gewoon was, te hervinden. Het is eveneens aannemelijk dat bijvoorbeeld sommige horecazaken hierop, nu of in een latere fase van de crisisevolutie, zullen willen inspelen met uitzendingen op (eventueel grote) schermen.

A. Activiteiten rond de stadionpoorten

Samenscholingen van supporters in de buurt van het stadion zijn absoluut te vermijden en daartoe dient via alle nuttige kanalen te worden opgeroepen. Het is belangrijk om op voorhand stil te staan bij verschillende scenario’s die zich eventueel kunnen voordoen:

  • Supporters kunnen buiten het stadion spelers opwachten, hetgeen mogelijk gepaard gaat met het gebruik van pyrotechnische middelen;
  • Supporters kunnen beslissen om net buiten het stadion samen te komen om zo sfeer te maken en de wedstrijd van op afstand mee te volgen. In dit kader wordt ook gewezen op het risico dat supporters eventuele overwinningen gaan vieren (cfr. het feestgedruis in de straten van Liverpool naar aanleiding van hun kampioenstitel);
  • Niet alleen overwinningen kunnen in groep beleefd worden maar ook nederlagen waarbij de emoties en frustraties van de supporters van de verliezende ploeg kunnen oplopen en de toestand uit de hand kan lopen;
  • Te midden van voormelde samenscholing en de chaos die hiermee gepaard kan gaan, is het niet ondenkbaar dat een deel van de supporters hiervan gebruik zal maken om het stadion proberen binnen te dringen, dit met manifeste gevolgen voor de openbare orde en een risico voor de personen die in het stadion aanwezig zijn. Een andere mogelijkheid is dat men zich op onrechtmatige wijze toegang probeert te verschaffen bijvoorbeeld door over een omheining te klauteren of door een toegang te forceren door zich in groep voorbij de toegangscontroles te drummen;
  • Door de aanwezigheid van bepaalde horecazaken in de nabijheid van het stadion bestaat de mogelijkheid dat supporters zich pas op het laatste moment richting toegang stadion begeven waardoor de social distancing moeilijker behouden zou kunnen worden, vooral aan de  toegangen, ondanks de kanalisatie die reeds in het protocol voor wedstrijden met beperkt publiek werd voorzien;
  • Misnoegde supporters kunnen in groep overgaan tot een protestactie tegen de club m.b.t. de verdeling van de tickets en het feit dat bepaalde supporters wel de wedstrijd in het stadion kunnen bijwonen en andere niet;
  • Zo kan het ook zijn dat supporters die wel in het bezit zijn van een geldig toegangsbewijs, aan de stadioningang worden aangeklampt om hun toegangsbewijs te verkopen.

Elk van deze scenario’s zorgt voor een concentratie van mensen op een kleine ruimte hetgeen hoe dan ook te vermijden is, zowel om gezondheidsredenen als om redenen van veiligheid en openbare orde. Bovendien bemoeilijkt dit een vlotte en veilige toegang tot het stadion voor personen die wel een geldig toegangsbewijs hebben.

B. Activiteiten en evenementen elders op het grondgebied

Meest voor de hand liggend zijn cafés die wedstrijden uitzenden op scherm. Maar ook drive-in cinéma’s of voetbalwedstrijden op groot scherm in gewone cinémazalen kwamen inmiddels sporadisch voor. Er kunnen zich spontane of georganiseerde supportersverplaatsingen voordoen. Verschillende steden en gemeenten kunnen zo geconfronteerd worden met voetbalevenementen en typisch voetbalgerelateerd gedrag. Dit kan gaan van mogelijke specifieke overlastfenomenen tot eventuele problematische veiligheidssituaties veroorzaakt door een minderheid van (potentiële) onruststokers.

Georganiseerde en niet georganiseerde activiteiten zoals bijvoorbeeld in horecazaken

In de horecazaken, zeker wanneer gelegen in de nabijheid van het stadion en in de supporterscafés, is het risico op overcrowding eveneens reëel, zeker wanneer de wedstrijd daar op (grote) schermen uitgezonden wordt. Op dat moment stellen er zich problemen met de handhaving van de Covid-19 maatregelen en zal de tussenkomst van de politie in dit kader op het vlak van opportuniteit beoordeeld moeten worden teneinde escalatie van mogelijke conflicten te vermijden. Indien de politie er al in zou slagen om de mensen uit die horecazaken te verwijderen, zou dit kunnen leiden tot een verplaatsing van het probleem naar het openbaar domein.

Als goede praktijk kan de voorzorgsmaatregel vermeld worden waarbij de burgemeester horecazaken die een wedstrijd willen uitzenden, ertoe verplicht zich op voorhand te laten registeren. Daarnaast kan ook overwogen worden om geen schermen op terrassen toe te laten om het risico op samenscholingen te beperken. Horecazaken kunnen ook aangespoord of verplicht worden om met een reservatiesysteem te werken om te voorkomen dat de capaciteit van de zaak overschreden wordt.

Uiteraard moeten alle voorzorgsmaatregelen steeds in overeenstemming zijn met de geldende coronamaatregelen die uiteraard aan wijzigingen onderhevig zijn ingevolge de evolutie van de gezondheidscrisis. Hierbij kan o.a. gedacht worden aan de afstand tussen bubbels, enkel zittende of ook staande klanten, al dan niet bestellen aan de toog, geen geluid boven 80 decibel, mondmaskerplicht voor personeel en voor klanten die zich verplaatsen, registratieplicht,  enz.

Wanneer dit noodzakelijk geacht wordt, bijvoorbeeld ingevolge eerdere ernstige problemen, kunnen lokale overheden een verplichte tijdelijke sluiting opleggen voor horecazaken. Dit kan ook voor straatverkopers en andere handelszaken die alcoholische dranken verkopen in de buurt van het stadion waar een wedstrijd gespeeld wordt.

Voetbalevenementen in de zin van de voetbalwet

Wanneer een voetbalclub de organisator is van een evenement, in of buiten een voetbalstadion, dan is er sprake van een voetbalevenement in de zin van de voetbalwet. In het geval van een voetbalevenement georganiseerd buiten een voetbalstadion, kunnen voetbalstewards, onder het gezag van een door de organisator, zijnde een voetbalclub of -bond, gemandateerde en opgeleide veiligheidsverantwoordelijke, worden ingezet (en de daarbij gaande stewardvest dragen) om bepaalde taken inzake veiligheid uit te voeren. In tegenstelling tot de voetbalevenementen in een stadion, zijn de activiteitenradius en bevoegdheden van de voetbalstewards hier zeer beperkt. Zij kunnen enkel ingezet worden voor het controleren van de toegangsbewijzen en het onthaal van de toeschouwers zonder dat zij hierbij enige controle van kledij en bagage kunnen uitvoeren. Dergelijke controle kunnen zij immers slechts uitvoeren in het kader van de toegang tot een voetbalstadion en niet in het kader van de toegang tot andere plaatsen waar een voetbalevenement plaatsvindt. Ook verstrekken de stewards aan het publiek alle nuttige informatie met betrekking tot de organisatie, de infrastructuur en de hulpdiensten. Ze delen aan de hulp- en politiediensten elke informatie mee betreffende de toeschouwers die de orde kunnen verstoren. De bevoegdheden van de stewards zijn hier dus veel beperkter dan in een voetbalstadion.

Wanneer er stewards worden ingezet voor een voetbalevenement, dienen de organisatoren en de bevoegde burgemees­ter, na advies te hebben ingewonnen bij de betrokken politiezones, voorafgaandelijk een schriftelijke overeenkomst te sluiten betreffende de inzet, de bevoegdheden en de taken van de gemandateerde veiligheidsverantwoordelijke en van de stewards.

4. Rol van de lokale overheid

Alle betrokken partners in het veiligheidsgebeuren blijven hun gewoonlijke rol spelen. Ik verwijs in dat kader bijvoorbeeld naar de Nieuwe Gemeentewet, de wet op het politieambt, de omzendbrief OOP 41 van 31 maart 2014 betreffende de operationalisering van het referentiekader over het genegotieerd beheer van de publieke ruimte n.a.v. gebeurtenissen die de openbare orde aanbelangen, alsmede naar de rondzendbrief CP4 van 11 mei 2011 betreffende het genegotieerd beheer van de publieke ruimte voor de geïntegreerde politie, gestructureerd op twee niveaus (B.S., 14 juni 2011) .

Het komt aan elke burgemeester toe om de informatie te doen inzamelen die nuttig is met het oog op het vaststellen van een juiste evaluatie van de activiteiten en evenementen die zich op zijn/haar grondgebied kunnen voordoen en de potentiële risico’s die hiermee verbonden zijn. Dit gaat zowel om georganiseerde activiteiten en evenementen, alsook het risico op spontane gebeurtenissen.

De lokale overheden gaan, ieder voor wat hen betreft, over tot een risico-analyse van de activiteiten en de evenementen zoals opgesomd in punt 3. Welke de publieke belangstelling zal zijn is moeilijk in te schatten. Het is duidelijk dat de omvang van activiteiten en evenement in open lucht ook sterk afhangt van de weersomstandigheden.

Aangezien alle evenementen en activiteiten die voetbalgelieerd zijn apart of gezamenlijk een impact kunnen hebben op de mobiliteit en/of de handhaving van de openbare orde, is het van belang om voorafgaand een multidisciplinaire risicoanalyse uit te voeren om een bepaalde risicograad te bepalen en op basis daarvan te beslissen welke maatregelen er dienen te worden genomen door de diverse betrokken instanties. 

Bij het uitvoeren van een risicoanalyse wordt best onder meer rekening gehouden met:

  • de grootte van de betrokken stad/gemeente en het feit of veel inwoners al dan niet voetbalgezind zijn;
  • het aantal en de aard van de te verwachten supporters;
  • de ervaring en expertise van de organisator;
  • de specifieke omstandigheden van de plaats van het evenement (evacuatiemogelijkheden, al      dan niet veel horeca in de buurt, etc.);
  • de lokale bijzonderheden (bijzondere risico’s verbonden met de aanwezigheid van bepaald infrastructuur, van bepaalde activiteiten, van bepaalde rivaliserende supportersgroepen, intenties die reeds door bepaalde supportersgroepen werden geuit of eerdere incidenten die zouden plaatsgevonden hebben met bepaalde supportersgroepen);
  • de aard van de lokale bevolking en de specificiteiten die hun eigen is;
  • specifieke plaatsen die een aantrekkingspool kunnen zijn voor vreugde-uitbarstingen, geweldplegingen, spanningen tussen verschillende groepen, etc.;
  • de mogelijk aanwezige dreigingen inzake ordeverstoringen of andere vormen van (georganiseerde) misdrijven.

Teneinde deze risico-analyse te maken wordt er vanuit de politiediensten aan informatiegaring gedaan rond evenementen en wedstrijden en wordt deze informatie ook met de bevoegde (politionele en andere) diensten uitgewisseld. Meerdere steden en gemeenten kunnen naar aanleiding van eenzelfde voetbalwedstrijd immers geconfronteerd worden met evenementen en een typisch voetbalgerelateerd gedrag.  Wat betreft supportersgedragingen kan het gaan om problematische situaties veroorzaakt door een minderheid van (potentiële) onruststokers, specifieke overlastfenomenen of bepaalde vormen van (georganiseerde) criminaliteit.

De burgemeester dient de te nemen maatregelen te evalueren en te bespreken met de verschillende tussenkomende partijen. Voor wat betreft activiteiten en evenementen op het openbaar domein of in private plaatsen die voor het publiek toegankelijk zijn, is het, zoals steeds, aan de burgemeester om te oordelen of er al dan niet toestemming hiertoe wordt gegeven. De burgemeester kan zijn toestemming in voorkomend geval ook koppelen aan specifieke (veiligheids)voorwaarden.

5. Handhaving en sanctiemiddelen

Burgerzin en verantwoordelijkheidszin om zichzelf en anderen niet onnodig aan gezondheids- en veiligheidsrisico’s bloot te stellen zijn alom aanwezig onder de bevolking. Aanbevelingen en richtlijnen worden doorgaans goed opgevolgd. Maximale sensibilisering en doeltreffende communicatie spelen daarbij ongetwijfeld een cruciale rol.

Maar dat het soms fout loopt, al dan niet omwille van een toenemende “Coronamoeheid”, is eveneens een realiteit.  Voorbeelden van grootschalige illegale feestjes en de gevaren daarvan worden regelmatig belicht in de media. De beleving van het voetbalgebeuren en de typische soms hoogoplopende emoties die daarmee, veelal in groep, gepaard gaan, kunnen een bijzonder risico vormen. Het mag geenszins de bedoeling zijn dat overtreders vrij spel krijgen, hetgeen bovendien ook een bijzonder slecht signaal zou zijn ten aanzien van die personen die de richtlijnen wel respecteren. Handhaving is derhalve essentieel. In die gevallen waar preventie niet het verhoopte en noodzakelijke resultaat bereikt, dient er beteugelend te worden opgetreden.

A. Toepassing van de Voetbalwet. In het stadion, in de perimeter en op het volledige grondgebied van het Koninkrijk

Het luik ‘supporters’ van de voetbalwet is van toepassing op elke persoon (dus niet alleen op supporters, maar in principe ook spelers, staff, bestuur, stewards, etc.), vanaf de leeftijd van 14 jaar, die naar aanleiding van een internationale voetbalwedstrijd, een nationale vrouwenvoetbalwedstrijd, een nationale jeugdwedstrijd of een wedstrijd waaraan minstens een team uit de nationale afdelingen deelneemt, een overtreding begaat.

In de eerste plaats wordt hierbij gedacht aan ongewenste gedragingen van supporters die in groep en in alle feestgedruis of beleving van emoties mogelijk over de schreef van het toelaatbare gaan. Daarnaast mag evenwel ook een andere categorie, zijnde de zogenaamde hooligans, niet uit het oog verloren worden. Het is niet uit te sluiten dat sommige hardekern-leden elkaar zullen proberen op te zoeken met het oog op bewuste provocatie of een gewelddadige confrontatie. Het aantal ernstige geweldsdelicten mag de laatste jaren dan wel zeer beperkt in aantal zijn, het neemt niet weg dat een verzwakking van de aandacht voor deze fenomenen voor een heropflakkering ervan op het openbaar domein kan zorgen. Zo werden via sociale media recent berichten van enkele harde kernen opgevangen stellende “dat Corona hen niet zal tegenhouden”. Dat deze fenomenen vandaag enigszins beheersbaar zijn, is het resultaat van een doorgedreven opvolging van dichtbij door gespecialiseerde spotters binnen de politiediensten en van een strikt verbaliseringsbeleid. Een verderzetting van dit beleid is dan ook zeer raadzaam.

In functie van de overtreding is de wet van toepassing :

  • in het stadion, vanaf het moment dat het stadion toegankelijk is voor toeschouwers;
  • binnen de perimeter van het stadion, vijf uur voor/na de wedstrijd. De geografische grenzen van de perimeter kunnen tot vijf kilometer rond het stadion gaan en zijn door middel van een koninklijk besluit vastgesteld. Bijna altijd valt ook de respectievelijke stadscentra binnen de perimeter rond de voetbalstadions;
  • op het volledige grondgebied van België, achtenveertig uur voor en na de wedstrijd. Uitzondering: het verbod op gebruik van pyrotechniek op het grondgebied is van toepassing tijdens de periode die aanvangt vijf uur voor het begin van de voetbalwedstrijd en die eindigt vijf uur na het einde van de voetbalwedstrijd.

De toepassing van de voetbalwet in en rond het stadion is genoegzaam bekend bij de politiediensten en de supporters van voetbalclubs uit de vijf nationale afdelingen van het Belgische voetbal. In het kader van deze omzendbrief kunnen enkele specifieke overtredingen evenwel nogmaals onder de aandacht worden gebracht.

5.A.1  Beperkte toepassing van de voetbalwet bij voetbalevenementen

Het sanctieluik supporters, titel III, van de voetbalwet is slechts gedeeltelijk van toepassing op supportersgedragingen tijdens een ‘voetbalevenement’ in een stadion. Het zelfde geldt voor feiten die zich voordoen in de perimeter van een voetbalstadion waar op dat ogenblik geen voetbalwedstrijd wordt gespeeld of op het volledige grondgebied van het Koninkrijk.

De artikelen 20, 20bis, 21, 21bis eerste lid,  22, 23, 23bis, eerste lid en 23ter, eerste lid, zijn er niet van toepassing daar deze enkel van toepassing zijn in het stadion waar de wedstrijd wordt gespeeld of in de wettelijk bepaalde perimeter van maximaal vijf kilometer rond het stadion waar de wedstrijd wordt gespeeld.

Voor zover de voetbalwet ratione loci niet van toepassing is, hebben de lokale overheden wel de mogelijkheid om, overeenkomstig de GAS-wet,  specifieke voetbalgerelateerde gedragingen die overlast veroorzaken, op te nemen in een gemeentelijk reglement of verordening en dus sanctioneerbaar te stellen met gemeentelijk administratieve sancties.

Daarentegen kan buiten het stadion desgevallend wel toepassing worden gemaakt van de volgende artikelen van de voetbalwet:

5.A.2  Aanmaningen van veiligheidspersoneel

Artikel 21bis, tweede lid: behoudens wettelijk voorschrift, overheidsbevel of andere uitdrukkelijke en voorafgaande toelating of gerechtvaardigde reden waaruit het geoorloofd karakter blijkt, kan eenieder die op het grondgebied van het Koninkrijk omwille van en ter gelegenheid van een voetbalwedstrijd de richtlijnen of de bevelen gegeven door de gemandateerde veiligheidsverantwoordelijke, door een steward in de uitoefening van zijn functie vastgelegd door de wet, of door een lid van de politiediensten of van de hulpdiensten, niet opvolgt, één of meer sancties oplopen zoals bepaald in de artikelen 24, 24ter en 24quater.

Specifiek voor stewards kan aangehaald worden dat zij voor de opdrachten bedoeld in artikel 15, vijfde lid, 16 en 17, eerste lid van de Voetbalwet, en voor zover het wordt bepaald in de overeenkomst bedoeld in artikel 5, kunnen tussenkomen op heel het grondgebied tijdens en naar aanleiding van georganiseerde collectieve verplaatsingen van supporters. In dit kader kunnen de stewards onder meer aan supporters richtlijnen geven om preventief de openbare orde te vrijwaren. Indien de supporters hieraan geen gevolg geven, kunnen zij overeenkomstig de voetbalwet geverbaliseerd worden.

5.A.3  Ongepaste, provocatieve of agressieve gedragingen

Artikel 23bis, tweede lid, stelt dat eenieder die zich, alleen of, in groep, op het grondgebied bevindt van het Koninkrijk en omwille van en ter gelegenheid van de organisatie van een voetbalwedstrijd, aanzet tot slagen en verwondingen, haat of woede ten opzichte van een of meerdere personen, één of meer sancties kan oplopen zoals bepaald in de artikelen 24, 24ter en 24 quater.

Gedragingen gesteld omwille van en naar aanleiding van een bepaalde voetbalwedstrijd, dewelke aanzetten tot haat en woede kunnen aanleiding geven tot een proces-verbaal op basis van de voetbalwet. In de praktijk gaat het in het overgrote deel van de gevallen om provocatief of asociaal gedrag in de voetbalstadions en in mindere mate om negatief gedrag of uitzonderlijk ook geweldsdelicten buiten het stadion.  Bij wedstrijden achter gesloten deuren of voor een beperkt publiek is er rekening mee te houden dat zich in zekere mate een verschuiving kan voordoen naar bijvoorbeeld cafés, stadscentra of andere eventuele trekpleisters of verzamelplaatsen.

Het is te benadrukken dat dit artikel van voetbalwet voor deze gedragingen niet alleen van toepassing is in het voetbalstadion, maar op het volledige Belgische grondgebied. Het geviseerde negatief gedrag kan gericht zijn ten aanzien van andere supporters, maar evenzeer kan gedrag ten aanzien van de ordediensten of toevallige passanten binnen de scoop van dit artikel vallen. 

5.A.4  Pyrotechnische voorwerpen

Artikel 23ter, tweede lid, spreekt over een gebruik van pyrotechnische middelen op het grondgebied van België. Deze bepaling geldt vanaf vijf uur voor aanvang van de wedstrijd tot vijf uur na de wedstrijd. Dit artikel stelt dat eenieder die pyrotechnische voorwerpen bedoeld om licht, rook of lawaai te produceren gebruikt op het grondgebied van het Koninkrijk omwille van en ter gelegenheid van een voetbalwedstrijd, kan één of meer sanctiesoplopen als bepaald in de artikelen 24, 24ter en 24 quater.

Het gebruik van pyrotechniek door voetbalsupporters is niet alleen uitdrukkelijk verboden in een voetbalstadion, maar op het gehele grondgebied, bijvoorbeeld naar aanleiding van supportersverplaatsingen.

Tot één derde van de in de voorbije jaren vastgestelde inbreuken in de voetbalstadions hielden verband met het gebruik van pyrotechniek. Af en toe stelde dit fenomeen zich ook buiten het stadion, bijvoorbeeld bij supporterscorteo’s of bij het onthaal van de spelersbus. Er is dus ook in de huidige omstandigheden rekening mee te houden dat dergelijke fenomenen, naast de inherente gevaren eigen aan pyrotechniek,  voor overlast kunnen zorgen op het openbaar domein.

In dit kader kan ook verwezen worden naar de omzendbrief van 13 september 2019 aangaande een geïntegreerde aanpak om pyrotechniek te bannen uit alle voetbalstadions.

B. GAS-wetgeving

De GAS-wet biedt de mogelijkheid om overlast in het algemeen te sanctioneren, zijnde “lichte vormen van verstoring van de openbare rust, veiligheid, gezondheid en zindelijkheid”. Dit gaat bijvoorbeeld om het opzettelijk aanrichten van schade aan planten in openbare parken en plantsoenen, wildplassen, inbreuken stilstaan & parkeren of zwaardere (gemengde) inbreuken zoals opzettelijke slagen en verwondingen, vernieling/onbruikbaarmaking van motorvoertuigen, opzettelijk beschadigen van andermans roerende of onroerende eigendommen, nachtlawaai, diefstal,…

C. Gemeenschapswachten

Overeenkomstig de bepalingen van de wet 15 mei 2007 betreffende de instelling van de functie van gemeenschapswacht, tot instelling van de dienst gemeenschapswachten en tot wijziging van artikel 119bis van de Nieuwe Gemeentewet zoals gewijzigd bij wet van 13 januari 2014, kunnen gemeenschapswachten wel een rol spelen bij bepaalde evenementen op bepaalde plaatsen.

De gemeenschapswachten kunnen onder meer volgende activiteiten uitoefenen:

  1. sensibiliseren van het publiek aangaande de veiligheid en de criminaliteitspreventie;
  2. informeren van de burgers om het veiligheidsgevoel te verzekeren en het informeren en  signaleren aan de bevoegde diensten van problemen op het vlak van veiligheid, milieu en  wegennet;
  3. informeren van automobilisten over het hinderlijk of gevaarlijk karakter van verkeerd parkeren en hen sensibiliseren met betrekking tot het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het correct gebruik van de openbare weg, alsook het helpen van kinderen, scholieren, mindervaliden en ouderen bij het veilig oversteken;
  4. uitoefenen van toezicht op personen met het oog op het verzekeren van de veiligheid bij evenementen georganiseerd door de overheid;
  5. ontradende aanwezigheid ter preventie van conflicten tussen personen, met inbegrip van de geweldloze tussenkomst bij vaststelling van verbale conflicten tussen personen.

Naast gemeenschapswachten kan een gemeente ook beschikken over gemeenschapswacht-vaststellers die inbreuken op de gemeentelijke reglementen en verordeningen in het kader van artikel 119bis, § 6, van de nieuwe gemeentewet die uitsluitend het voorwerp kunnen uitmaken van administratieve sancties en het vaststellen van inbreuken op gemeentelijke retributiereglementen kunnen vastleggen.

Uiteraard dient er altijd rekening te worden gehouden dat gemeenschapswachten en gemeenschapswacht-vaststellers niet overal kunnen worden ingezet. Ze zijn enkel inzetbaar op de openbare weg en de openbare plaatsen die deel uitmaken van het grondgebied van de organiserende gemeente. Zij kunnen dus niet ingezet worden op private, al dan niet publiek toegankelijke, plaatsen, zoals bijvoorbeeld horecazaken. Bovendien dienen ze deze activiteiten steeds in uniform uit te voeren en is het niet toegelaten dat ze worden aangeduid/aangesteld als ‘steward’.

De gemeenschapswacht-vaststeller kan dan weer meer repressief gaan optreden. Indien hij inbreuken vaststelt die zijn opgenomen in het GAS-reglement van de desbetreffende gemeente kan dit resulteren in een administratieve sanctie.

Gemeenschapswachten en gemeenschapwacht-vaststellers kunnen niet worden ingezet voor bijvoorbeeld onderstaande activiteiten:

  • zij zijn niet bevoegd om toegangscontrole te doen en personen in dit kader de toegang te  ontzeggen;
  • zij kunnen niet worden ingezet in bijvoorbeeld horecazaken om controle te gaan uitvoeren in het kader van social distancing.

D. Wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid

Algemeen

In het kader van evenementen wordt veelal beroep gedaan op professionele bewakingsagenten in dienst van vergunde bewakingsondernemingen voor het uitoefenen van activiteiten van evenementenbewaking. Private bewaking is zowel mogelijk voor activiteiten die doorgaan in een stadion, alsook voor activiteiten in privaat, publiek toegankelijke plaatsen waar voetbalevenementen plaatsvinden. Het zijn dezelfde algemene bepalingen van de wet private veiligheid die van toepassing zijn.

De taken van bewaking zowel in het voetbalstadion als in private, publiek toegankelijke plaatsen (bijvoorbeeld horecazaak, cinema, …. ) bestaan voornamelijk uit het toezicht op de aanwezigen, het  kanaliseren van het publiek, toegangscontrole, vrijhouden van doorgangen, toezicht bij uitgangen,  regulering van parkeerplaatsen, bewaking van installaties, enz. De evenementenbewaking beoogt in casu het veilig en vlot verloop van het evenement te verzekeren.

Specifiek voor evenementbewaking op de openbare weg (bijvoorbeeld groot scherm op markt) dient verwezen te worden naar artikel 115 van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid dat de evenementenbewaking op de openbare weg mogelijk maakt onder de volgende cumulatieve voorwaarden: 

  • de bestuurlijke overheid heeft geen aanwijzingen dat de openbare orde zal worden verstoord;
  • een politiereglement bepaalt de afbakening van de bewaakte zone;
  • het begin en einde van de bewaakte zone worden aangeduid middels een bord, zoals vastgelegd bij ministerieel besluit van du 10 november 2017.

Controle van kledij en goederen

De bewakingsagenten die activiteiten van evenementenbewaking uitvoeren, kunnen overgaan tot toegangscontroles aan de toegang van de plaatsen die zij bewaken en tot oppervlakkige betastingen met als enige bedoeling na te gaan of de gecontroleerde persoon drager is van een wapen of gevaarlijke voorwerpen die het goede verloop van het evenement kunnen verstoren of de veiligheid van de personen in het gedrang kunnen brengen.

Dergelijke controle is evenwel onderworpen aan volgende cumulatieve voorwaarden:

  1. zij wordt enkel uitgevoerd door bewakingsagenten van hetzelfde geslacht als de gecontroleerde persoon voor de oppervlakkige betasting.  De visuele controle van de bagage kan uitgevoerd worden door agenten van het andere geslacht;
  2. zij wordt uitsluitend uitgevoerd als de betrokken personen zich vrijwillig onderwerpen aan de controle; er kan dus geen enkele vorm van dwang worden gebruikt;
  3. zij bestaat uit de oppervlakkige betasting van de kleding van de persoon en de visuele controle van handbagage die hij aanvaardt om voor te leggen;
  4. zij heeft uitsluitend betrekking op goederen die relevant zijn in het licht van het wettelijk doel. Zij is uitsluitend gericht op het vinden van wapens/gevaarlijke voorwerpen en dus niet van bijvoorbeeld fototoestellen of opnameapparatuur.  De bewakingsagent kan het publiek wel wijzen op het eventueel verbod van deze toestellen, maar kan er niet actief naar op zoek gaan;
  5. de controle kan systematisch zijn.

De bewakingsagenten kunnen de toegang ontzeggen aan eenieder die zich tegen deze controles verzet.

De bewakingsagenten die taken uitvoeren in een voetbalstadion leven zowel de sectorprotocollen specifiek van toepassing op de bewakingssector na, alsook de hierboven genoemde voetbalprotocollen. 

E. RIO & procedure burgerrechtelijke uitsluiting

De burgerrechtelijke uitsluiting betreft een stadionverbod dat wordt opgelegd door de club en is algemeen van toepassing voor alle stadions in België. De duur van een uitsluiting bedraagt minimum 3 maanden en maximaal 5 jaar. De organisator kan personen uitsluiten wegens het niet-naleven van het Reglement van Inwendige Orde.

Zoals de sector is overeengekomen en dit werd vervat in de eerder vermelde protocollen ter zake, dienen clubs zelf initiatieven te nemen ten aanzien van supporters of accreditatiehouders die regels inzake Corona in het stadion niet opvolgen. Clubs kunnen ten aanzien van die supporters een procedure burgerrechtelijke uitsluiting opstarten onder andere voor het niet volgen van artikel 13 van het reglement inwendige orde.

Er wordt dus een duidelijk engagement van de clubs verwacht. Het is immers in de eerste plaats de voetbalwereld zelf die verantwoordelijk is voor wat zich afspeelt in de stadions en de impact daarvan op de gezondheid en de veiligheid van de supporters.

Een uitsluiting opgelegd door de club zelf is een krachtig en sensibiliserend signaal dat een belangrijke voorbeeldwaarde heeft. Bovendien biedt de burgerrechtelijke procedure de mogelijkheid om bijzonder snel op de bal te spelen, gelet op de zeer korte proceduretermijnen.

De ervaringen uit het verleden tonen aan dat nog niet alle clubs toepassing maken van de burgerrechtelijke uitsluiting. Alle clubs dienen hiertoe aangemoedigd te worden. Bij vragen omtrent de toepassing kunnen zij zich wenden tot de Koninklijke Belgische Voetbalbond.

Lokale overheden kunnen zich ervan verzekeren dat de organisator wel degelijk toepassing zal maken van deze procedure door daartoe bepalingen op te nemen in de veiligheidsovereenkomst.

6. Tot slot

De gezondheid en de veiligheid van allen, ongeacht of men zich in of buiten het voetbalstadion bevindt,  is van primordiaal belang.

Voetbal heeft voor de steden en gemeenten een grote impact op het vlak van openbare orde, of het nu gaat om de voetbalwedstrijden die er georganiseerd worden, voetbalevenementen die er plaatsvinden of supporters die naar aanleiding van een wedstrijd op het openbaar domein samenkomen.  Teneinde de impact van deze activiteiten en evenementen te kunnen beheersen en coördineren dienen alle actoren hun rol te spelen. Deze omzendbrief is er dan ook op gericht om de lokale overheden te ondersteunen bij het opnemen van hun taken van openbare orde naar aanleiding van de specifieke en bijzondere context van voetbalwedstrijden.

Mocht u vragen of opmerkingen hebben omtrent deze omzendbrief of de toepassing van de voetbalwet, dan kan u terecht bij de Voetbalcel (Algemene Directie Veiligheid en Preventie, FOD Binnenlandse Zaken): [email protected].